Veel AI-tools bieden tegenwoordig een gratis en een betaalde versie. Dat lijkt aantrekkelijk. Medewerkers kunnen snel experimenteren en direct profiteren van de mogelijkheden van kunstmatige intelligentie. Maar achter deze ogenschijnlijk laagdrempelige toegang schuilt een belangrijk risico voor organisaties.
Wanneer je een gratis AI-tool gebruikt, betaal je vaak niet met geld, maar met data.
De verborgen prijs van gratis AI
Neem een bekend voorbeeld zoals ChatGPT. In de gratis versie kan ingevoerde informatie worden gebruikt om het model verder te trainen. Dat betekent dat de gegevens die iemand invoert in principe onderdeel kunnen worden van de dataset van het model.
Voor particulier gebruik is dat vaak geen probleem. Maar binnen organisaties ligt dat anders.
Wanneer medewerkers klantinformatie, interne documenten of bedrijfsstrategieën invoeren in een gratis AI tool, kan gevoelige informatie buiten de organisatie terechtkomen. Niet bewust, maar simpelweg omdat de tool op die manier is ontworpen.
Betaalde varianten zoals ChatGPT Business of Enterprise zijn juist ontwikkeld om dit risico te voorkomen. In deze omgevingen worden ingevoerde gegevens niet gebruikt voor modeltraining, worden contractuele afspraken gemaakt via een verwerkersovereenkomst en draaien de systemen vaak in Europese datacenters.
Het is dus dezelfde technologie, maar met een totaal ander risicoprofiel.
Het groeiende probleem van Shadow AI
In veel organisaties ontstaat hierdoor een fenomeen dat steeds vaker voorkomt: Shadow AI.
Medewerkers kiezen zelf welke AI-tools ze gebruiken. De één werkt graag met ChatGPT, een ander met Claude of Gemini. Vaak maken ze gebruik van hun eigen gratis account, simpelweg omdat dat de snelste en makkelijkste manier is.
Op zichzelf is dat begrijpelijk. AI maakt mensen productiever en medewerkers zoeken vanzelf naar de beste tools om hun werk efficiënter te doen.
Maar het probleem ontstaat wanneer deze tools worden gebruikt voor bedrijfsinformatie. In de praktijk gebeurt dat regelmatig. Denk aan het samenvatten van interne documenten, het analyseren van klantinformatie of het genereren van content op basis van bedrijfsdata.
Op dat moment wordt gevoelige informatie mogelijk gedeeld met externe systemen, zonder dat de organisatie daar zicht op heeft.
De verantwoordelijkheid ligt bij de organisatie
Onder de AVG ligt de verantwoordelijkheid voor het gebruik van data niet bij de medewerker, maar bij de organisatie zelf.
Dat betekent dat een bedrijf moet kunnen aantonen dat er beleid is rondom het gebruik van AI-tools. Dat risico’s zijn geïnventariseerd. En dat er passende maatregelen zijn genomen om datalekken of ongewenst datagebruik te voorkomen.
In de praktijk zien we echter dat veel organisaties dit onderwerp nog niet structureel hebben ingericht.
Directies reageren vaak met een schouderophalen: medewerkers gebruiken toch wel hun eigen accounts. Maar er is een groot verschil tussen weten dat iets gebeurt en aantoonbaar beleid voeren om risico’s te beheersen.
AI-governance wordt een strategisch thema
AI wordt steeds vaker onderdeel van dagelijkse bedrijfsprocessen. Daarmee verschuift het vraagstuk van technologie naar governance.
Organisaties die AI serieus willen inzetten, moeten niet alleen kijken naar de tools, maar vooral naar de manier waarop medewerkers deze tools gebruiken.
Dat vraagt om duidelijke richtlijnen, veilige bedrijfsaccounts en een organisatiebreed beleid rondom AI-gebruik.
Want schouderophalen is geen beleid. En richting klanten, partners en toezichthouders is het zeker geen overtuigend antwoord.